Office Killer
Eind jaren negentig was Cindy Sherman de koningin van de kunstwereld. Haar Untitled Film Stills hingen in de grootste musea en de vraag was niet óf, maar wanneer ze de stap naar het witte doek zou zetten. Het voelde als een logisch vervolg voor een fotografe die haar hele carrière al fictieve filmscènes in één enkel beeld wist te vangen. Toch was de sprong naar de filmset een gewaagd experiment: Sherman verruilde haar eenzame studio, waar ze de absolute controle had, voor de dynamiek en de chaos van een volledige filmcrew.
Het resultaat werd OFFICE KILLER, een gitzwarte horror-komedie die precies doet wat je van Sherman verwacht: het schuurt, het intrigeert en het is heerlijk grotesk. Zie het als een koortsdroom ergens tussen PSYCHO en THE DEVIL WEARS PRADA. Moordenaar van dienst is de timide Dorine, een hondstrouwe copy-editor die na een dodelijk werkongeluk per ongeluk in een verknipte seriemoordenaar verandert. Wat volgt is echter geen standaard slasher, maar een bizarre, surrealistische karakterstudie vol gortdroge humor.
Dat komt omdat Sherman niet als een gewone cineast kijkt, maar als fotograaf. Ze componeert scènes die doen denken aan haar iconische fotowerk: gedurfd kleurgebruik, ongemakkelijke kaders en een scherp oog voor de rafelrandjes van identiteit. Met rollen voor jaren 90-iconen als Molly Ringwald en Michael Imperioli, en een script waaraan Todd Haynes meeschreef, is OFFICE KILLER een fascinerende curiositeit. Het is de enige keer dat de wereld van Sherman niet stilstaat, maar bloederig en levendig over het scherm danst.