SO CAN I + ONE HUNDRED CHILDREN WAITING FOR A TRAIN
SO CAN I (Abbas Kiarostami, 1975, IR, 5′)
Abbas Kiarostami ontwikkelde zijn filmtaal in de klas. Niet op de filmschool, maar door gebruik te maken van schoolruimtes als de arena van zijn eerste films. Na een korte periode waarin hij zijn studie in beeldende kunst combineerde met een job als verkeersagent, richtte de Iraanse grootmeester op film door het maken van televisiecommercials. In 1969 werd hij uitgenodigd om de filmafdeling van Kanoon (vandaag Center for the Intellectual Development of Child and Adolescent) op te zetten. Veel van de films uit die periode spelen zich grotendeels af op scholen en in klaslokalen.
De kortfilm SO CAN I, waarin live action en animatie worden gecombineerd, legt op een eenvoudige manier bloot hoe kinderen leren via imitatie, competitie en verbeelding, tot op het moment dat de werkelijkheid zich niet langer laat kopiëren.
ONE HUNDRED CHILDREN WAITING FOR A TRAIN (Igancio Agüero, 1988, CL, 57′)
ONE HUNDRED CHILDREN WAITING FOR A TRAIN situeert zich in het Chili van eind twintigste eeuw, waar censuur en ongelijkheid het dagelijkse leven bepaalden. Onder begeleiding van onderwijzeres en filmhistoricus Alicia Vega krijgen kinderen uit arme wijken de kans om tijdens een workshop hun eigen films te ontwikkelen. Velen van hen zijn nog nooit in een bioscoop geweest en ontdekken nu de taal en cultuur van cinema voor het eerst: camerahoeken en -bewegingen, filmgenres, Chaplin, Disney, Albert Lamorisses rode ballon, en de trein van de gebroeders Lumière.
Aguëro’s opmerkelijke documentaire begint als een teder portret van de workshop en verandert geleidelijk aan in een vernietigende kritiek op het regime van Pinochet door de focus te verleggen naar Vega’s jonge studenten en hun families, wiens krappe woningen Agüero bezoekt.
De censuur had moeite om uit te leggen waarom ze net deze film beperkten tot kijkers ouder dan 21 jaar. Want zo erkenden ze impliciet wat Agüero’s film en Vega’s workshop aan de kaak stelden: de opzettelijke stratificatie van klassen via armoede en de deprivatie van onderwijs, wreed opgelegd door de dictatuur. Maar met ONE HUNDRED CHILDREN WAITING FOR A TRAIN toont Agüero ook, en vooral, hoe beeldtaal een middel is om kennis en perspectief door te geven — zowel via zijn eigen films als de ‘films’ die de kinderen maken met lijm en papier. Misschien kan cinema zelfs leiden tot vrijheid?