Linda Linda Linda
Toen IndieWire in 2018 aan topcritici vroeg naar de beste Japanse film van het nieuwe millennium, vielen de namen van grootmeesters als Miyazaki en Kore-eda. David Ehrlich gooide het echter over een andere boeg en koos voor Nobuhiro Yamashita’s LINDA LINDA LINDA. Hoewel hij toegeeft dat het misschien niet het zware drama van zijn tijdgenoten heeft, stelt hij resoluut: “Geen van die films maakt me gelukkiger dan deze. Het is zo rijk, zo charismatisch en zo verdomd aanstekelijk dat je na afloop de drang voelt om het aan al je vrienden te laten zien.”
Het verhaal volgt een groep meiden op de Shiba High School die nog maar drie dagen hebben tot het afsluitende festival van hun eindexamenjaar. Wanneer hun band door ruzie en blessures uit elkaar dreigt te vallen, besluiten de overgebleven leden — toetsenist Kei, drummer Kyoko en bassist Nozomi — toch door te zetten. In een opwelling vragen ze de eerste persoon die voorbijloopt om hun nieuwe zangeres te worden. Dat blijkt Son, een Koreaanse uitwisselingsstudente die het Japans nog nauwelijks machtig is.
Wat volgt is een hartverwarmende race tegen de klok vol slaaptekort, karaoke-sessies, verveling en de onbeholpen charme van puberale verliefdheden. Terwijl de regen tegen de ramen klettert en de gitaren worden gestemd, ontstaat er een onbreekbare band tussen de vier meiden. LINDA LINDA LINDA is meer dan een muziekfilm; het is een euforische ode aan vriendschap, doorzettingsvermogen en de tijdloze punkrock van The Blue Hearts.